Op de juiste manier omgaan met medicatie is van groot belang om het gewenste effect te realiseren. Hier vindt u tips en adviezen over het gebruik en de werking van medicatie. Raadpleeg bij vragen  omtrent uw medicatie altijd uw behandelend arts.

Adviezen

  • Overleg altijd met uw arts over het gebruik van medicijnen, als u ermee wilt beginnen, maar ook als u ermee wilt stoppen.
    Als u medicijnen  gaat gebruiken of wilt afbouwen is het verstandig dit geleidelijk op te bouwen of af te bouwen. Als u te snel start met het gebruikt of te snel afbouwt kunt u daar last van krijgen.
     
  • Vaste tijden en hoeveelheid
    Spreek samen met uw (revalidatie)arts welke medicijnen u gebruikt en hoeveel. Gebruik dit consequent en op vaste tijden. Bij acute pijn kan het zinvol zijn om pijnstillers “zo nodig” in te nemen; bij chronische pijn is dat anders. Als u pas een pijnstiller inneemt als u héél veel pijn hebt, is de kans klein dat het middel voor die heel hevige pijn zal werken. Als u de pijnstiller op vaste tijden inneemt, loopt de pijn minder hoog op en werkt het middel beter. Bovendien: als u de pijnstiller zo nodig inneemt, moet u steeds met uzelf in onderhandeling of de pijn al erg genoeg is. Op die manier krijgt de pijn extra aandacht en dat werkt pijnversterkend. Bij een vaste dosering op vaste tijden hoeft u niet steeds na te gaan hoe erg de pijn op dat moment is.
     
  • Afbouw van medicijnen
    Het is verstandig eerst te starten met uw behandeling en te kijken hoe u daarop reageert. Stop nooit meteen met alle medicijnen. U kunt er beroerd van worden. Maak samen met uw arts een afbouwschema.
     
  • Als een medicijn niet helpt tegen uw pijn
    In dit geval is het niet zinvol het medicijn te blijven gebruiken. Het heeft geen effect op uw pijn, maar kan wel bijwerkingen geven.
     
  • Andere medicijnen
    Medicijnen voor andere medische problemen gebruikt u zoals is voorgeschreven door uw arts. Veel mensen met chronische pijn gebruiken medicijnen om hun stemming te verbeteren. Ook voor deze medicijnen is het belangrijk ze op vaste tijden in te nemen.

Pijnstillers

Er zijn diverse soorten medicijnen tegen pijn, de één wat lichter dan de ander, de één met meer bijwerkingen dan de ander:

  • Paracetamol
    Dit is een pijnstiller met weinig bijwerkingen. Als u er veel van inneemt kan het schade aanrichten aan uw lever. Een bijwerking van paracetamol kan zijn dat u hoofdpijn krijgt. Dat laatste is erg verwarrend, zeker als u paracetamol gebruikt bij hoofdpijn. De enige manier om er achter te komen of de hoofdpijn ontstaat door paracetamol is het middel niet te gebruiken. Doe dit echter wel altijd in overleg met uw arts. Paracetamol is vrij verkrijgbaar bij de drogist en apotheek, meestal in tabletten van 500 mg. De maximale hoeveelheid is 6 tot 8 tabletten per dag.
     
  • NSAID´s
    De groep van NSAID´s bestaat uit middelen die ontstekingen tegengaan en pijn verminderen. Hiertoe horen ibuprofen, diclofenac, naproxen en een aantal anderen. Ze hebben meer bijwerkingen dan paracetamol. We adviseren u om ze niet te lang te gebruiken. De belangrijkste bijwerking is maagklachten. Vaak wordt er een maagbeschermer bij gegeven. U kunt ook duizelig worden, of dikke voeten krijgen. Bij langdurig gebruik  geven NSAID’s een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Sommige van deze middelen zijn zonder recept te koop bij de drogist en apotheek. Maar: ze kunnen wel gevaarlijk zijn! Vertel uw arts altijd dat u deze middelen slikt. Voorbeeld: Ibuprofen is vrij verkrijgbaar bij de drogist in tabletten van 200 mg en 400 mg. Overleg met uw arts over de dosering.
     
  • Zaldiar® (combinatie paracetamol en tramadol) en Tramal (tramadol)
    Dit zijn middelen die sterker werken dan paracetamol en ibuprofen. Ze lijken op morfine. Ze verminderen pijn, hebben vaak bijwerkingen.  De dosering is afhankelijk van uw situatie en bepaalt u samen met de arts.
     
  • Morfine, oxycodon, fentanylpleister.
    Deze medicijnen worden soms door de huisarts, vaak door het pijnbehandelcentrum, revalidatiearts of neuroloog voorgeschreven. U krijgt geadviseerd hoeveel u kan gebruiken. Het zijn hele sterke pijnstillers. Ze kunnen bijwerkingen hebben, zoals duizeligheid, misselijkheid, sufheid en darmverstopping.. Bij langdurig gebruik kunnen ze zelfs pijnverergering geven! Bovendien kan langdurig gebruik hormonale veranderingen geven.
  • Andere middelen zoals Lyrica®  (pregabaline), en Neurontin® (gabapentine), amitriptyline en Cymbalta® (duloxetine)
    Men heeft gemerkt dat sommige medicijnen die bij epilepsie of bij een depressie gebruikt worden een gunstig effect hebben bij mensen met chronische pijn. Deze middelen worden voorgeschreven door uw huisarts, revalidatiearts of psychiater. De arts bespreekt met u hoe hoog de dosering is die u gebruikt. Als u deze medicijnen gebruikt, dan doet u dat dagelijks  zoals voorgeschreven en voor langere tijd. Alleen op deze manier hebben ze effect. U mag ze alleen gebruiken als u onder controle bent  bij een arts. Het 'zo nodig' gebruik is zinloos.

Er zijn verschillende soorten medicijnen die, naast hun effect op stemming, ook effect hebben op pijn:

Antidepressiva

  • Tricyclische AntiDepressiva (TCA)
    Het meest bekende antidepressivum uit deze groep dat gebruikt wordt bij pijnbehandeling is amitriptyline amitriptyline. Amitriptyline is een al wat ouder anti-depressivum. Als anti-depressiva worden tegenwoordig meestal andere middelen gebruikt. Het blijkt echter ook te werken tegen chronische pijn en tegen slaapstoornissen. Vooral bij neuropathische pijn, whiplash-klachten en fibromyalgie wordt het vrij veel voorgeschreven. Als anti-depressivum is een dosering van 150 mg per dag of meer nodig. Bij chronische pijn en/of slaapstoornissen is meestal 25 mg voor de nacht voldoende. Soms wordt dit verhoogd tot 50 mg, zelden hoger. Hierdoor zijn de bijwerkingen veel minder dan bij de hoge dosering tegen een depressie. De bijwerkingen die vermeld staan in de bijsluiter gaan over die hoge dosering van minstens 150 mg. Om bijwerkingen zoveel mogelijk te voorkomen wordt in het algemeen begonnen met een heel lage dosering van 10 mg, soms zelfs 5 mg. In een paar weken wordt de dosering verhoogd naar 25 mg. Het duurt een aantal weken voordat het volledige effect merkbaar is. De arts zal meestal een recept mee geven voor 4 weken. Indien het gebruik geen grote problemen geeft wordt geadviseerd daarna in elk geval nog 4 weken door te gaan. Pas dan kan het effect goed beoordeeld worden. In overleg met de arts zal u dan of stoppen, of de dosering verhogen, of doorgaan met dezelfde hoeveelheid. Bij een dosering van 25 mg per dag zijn de belangrijkste bijwerkingen een droge mond en moeilijker wakker worden ’s morgens. Meestal worden die verschijnselen minder als u het middel wat langer gebruikt. Er zijn echter mensen die bijzonder gevoelig zijn voor amitriptyline en het niet verdragen. Dit is niet van te voren te voorspellen. Amitriptyline moet iedere dag ingenomen worden om effect te hebben. U kunt dus niet per dag kiezen of u het nodig heeft. Het kan gecombineerd worden met de meeste andere medicijnen zoals pijnstillers.
     
  • Andere antidepressiva
    Bekende middelen uit deze groep zijn paroxetine (Seroxat®), fluoxetine (Prozac®), sertraline (Zoloft®), citalopram (Cipramil®),  venlafaxine (Efexor®) en duloxetine (Cymbalta®). Ook voor deze middelen geldt dat de kans op bijwerkingen afneemt als u de dosering geleidelijk opbouwt.Middelen uit deze groep kunnen ook bijwerkingen geven, waarvan de meest voorkomende zijn: misselijkheid, droge mond, nervositeit, sufheid, obstipatie, diarrhee, gewichtstoename, zweten, verminderde zin in seks.

Benzodiazepinen

  • Benzodiazepinen (lorazepam, diazepam, bromazepam, lormetazepam, nitrazepam etc.) zijn middelen die gebruikt worden als middelen tegen angst en spanning en als slaapmedicijnen. Benzodiazepinen dempen uw emoties en ze veroorzaken spierverslapping. Als u ermee start merkt u snel effect. Dat wordt door veel mensen als prettig ervaren. Het gunstige effect op de slaap duurt helaas maar kort. U raakt echter verslaafd aan benzodiazepines, vooral diazepam is daarbij berucht. Het werkt steeds minder en de afbouw van dit middel kan veel onthoudingsverschijnselen geven. Benzodiazepines hebben sufheid als bijwerking. U mag er niet mee autorijden. De spierontspanning kan evenwichtsproblemen geven en bij sommige mensen vergroot het de kans op vallen. Dat is de reden dat artsen het zo min mogelijk of alleen voor een korte periode voorschrijven. Als u ze langer gebruikt kunnen ze problemen met het geheugen geven. Alleen voor de pijn is kortdurend of langdurig gebruik niet zinvol.