Als Marissa in juni 2014 vanuit een rubberboot het water in springt, blijft ze met haar vinger hangen. Ze hoort krak, maar denkt in eerste instantie aan een kneuzing. Aan het begin van de avond neemt de pijn echter zo toe, dat ze toch besluit naar de huisartsenpost te gaan. Deze verwijst haar naar de spoedeisende hulp van het ziekenhuis bij haar in de buurt. Hier wordt op basis van foto’s geconstateerd dat het om een volledige breuk gaat die schuin naar beneden loopt tussen de vinkerkootjes in. Marissa moet in het gips.

Marissa vertelt: “Ik heb drie verschillende soorten gips gehad. Eerst inclusief mijn volledige onderarm en later tot aan mijn pols. Na zo’n vier weken wilde ik geen gips meer. Het stonk en zat erg vervelend. Mijn orthopeed haalde het gips eraf, maar dan moest ik nog wel twee weken rust houden. Na deze twee weken rust leek het wat beter te gaan, maar het bleef stijf en pijnlijk. De orthopeed zei dat dit moest slijten en verwees mij naar een fysiotherapeut bij mij in de buurt. Deze fysiotherapeut heeft mij zoveel pijn gedaan dat ik er misselijk van werd en flauwviel. Ze zette continue druk op die vinger, waardoor de pijn toenam. Na een maand gaf de fysiotherapeut zelf aan dat het beter was terug te gaan naar mijn orthopeed en te vragen om een verwijzing naar een plastisch chirurg, omdat ze mij niet verder kon helpen.”

“Bij de orthopeed heb ik aangegeven dat ik graag naar het Sint Franciscus Gasthuis wilde, omdat ik gehoord had van een collega dat men hier gespecialiseerd is in handletsel. Ik kreeg de verwijzing. De plastisch chirurg constateerde dat mijn vinger 4 mm korter was en dat er een uitstulping bij mijn gewricht zat. Hij raadde mij aan om naar Rijndam te gaan voor fysiotherapie. Ik zei dat ik al bij een fysiotherapeut was geweest en dat deze mij erg veel pijn had gedaan. De plastisch chirurg zei dat ik dit bij Rijndam aan kon geven en dat heb ik gedaan.”

Handtherapie

“Bij de eerste afspraak werd direct een spalk aangemeten van neopreen (synthetisch rubber). Vervolgens ging ik één keer per week naar Rijndam voor handtherapie. Hier oefende we het buigen en strekken, heel voorzichtig. Dit moest ik ook thuis doen. Met zalf op mijn vinger voorzichtig rondjes draaien om het soepel te maken en houden. Ik merkte al snel dat mijn vinger minder dik werd, dat er minder vocht in zat en dat mijn vinger bewegelijker werd. In het begin droeg ik de spalk 24 uur per dag. Maar na een tijdje ging ik hem steeds later op de dag pas weer dragen. Dit was voor mij een teken dat het steeds beter ging.”

“Achteraf had ik te snel, te veel verwacht van het gips. Toen dit niet opleverde wat ik hoopte, dacht ik dat het nooit meer goed zou komen. Ik weet nog dat de fysiotherapeut van Rijndam bij de start vroeg hoe erg de pijn was op een schaal van 1 tot 10, waarbij 10 hoog was. Ik gaf een negen. Aan het einde van de behandeling was dit nog maar een 3 of 4.”

“Ik ben blij dat ik naar de plastisch chirurg heb geluisterd en naar Rijndam ben gegaan. Ik kan mijn werk weer doen en dat is voor mij het belangrijkste. Naast de goede zorg is het ook een fijne omgeving. De behandelaren zijn leuke, vrolijke mensen die oprecht geïnteresseerd in je zijn. Ze nemen de tijd voor je. Een goed voorbeeld hiervan is dat ze voor de maand december een zwarte spalk hebben gemaakt, omdat ik zwarte piet speel en met een blauwe spalk gaat dat niet. Ook de weekplanningen zijn erg prettig. Zo hoef je niet elke week opnieuw een afspraak te maken, terwijl ze wel rekening houden met wanneer je wel en niet kunt. Hierdoor kon ik ook gewoon blijven werken, wat voor mij erg belangrijk is.”

“Wat ook fijn is, is dat we naar het einde van de behandeling toewerkte. Hierdoor kon ik het makkelijk loslaten. Bovendien, als het weer pijn gaat doen, dan bel ik en dan ga ik terug.”

“Ik heb aan dit interview meegewerkt omdat mijn hart in de zorg ligt. Ik wil mensen helpen. Als ik met mijn verhaal maar één persoon kan overtuigen dat hij of zij naar Rijndam moet gaan, dan is dat het waard.”

Terug naar overzicht