In dec 2012 kreeg Henk last van druk op zijn borst. Toen hij zich meldde bij zijn huisarts, werd hij direct per ambulance naar het ziekenhuis gebracht. Tijdens een hartkatheterisatie bleek dat er met zijn hart niets mis was en werd hij door de cardioloog terugverwezen naar de huisarts. Zijn klachten gingen niet weg, daarom werd er in het ziekenhuis verder gezocht naar mogelijk andere oorzaken. Keer op keer ging Henk naar een specialist, maar werd steeds terugverwezen naar de huisarts omdat er geen diagnose gesteld kon worden.

Helaas werden de klachten steeds erger en breidde zich uit naar zijn borstbeen en ribben. De huisarts dacht al eerder aan het syndroom van Tietze, maar gezien de toename van de klachten twijfelde ze aan de diagnose. Zij verwees Henk naar de reumatoloog, die Tietze bevestigde. De reumatoloog verwees Henk naar de Pijnpoli voor pijnbestrijding. Toen ook dat niet het gewenste resultaat had, werd er gekozen voor pijnmedicatie.

Chronische pijnsyndroom

Henk vertelt: “In het hele traject heeft niemand gedacht aan de mogelijkheid van het chronische pijnsyndroom, totdat mijn werkgever aangaf dat het hem goed leek om met een psycholoog te gaan praten. Ik stond hiervoor open, mits dit gerelateerd werd aan omgaan met mijn chronische pijn. Hierover had ik ondertussen het een en ander gelezen. Ik heb dit aangegeven bij mijn reumatoloog waarop zij aangaf dat dit wel een goede stap was maar dat een multidisciplinaire aanpak was vereist en mij vervolgens doorverwees naar Rijndam.”

“Ondertussen was ik veranderd van iemand met lichte klachten in iemand met heftige pijnen in mijn borst en rug met regelmatige forse pijnaanvallen. Als Tietze zich uitbreidt naar de ribverbindingen in de rug heet het ineens costochondritis. Ik bewoog mezelf nauwelijks, zelfs praten ging moeilijk. De fysiotherapeut bij Rijndam wist dit kernachtig te verwoorden door te zeggen dat ik veranderd was van een actief mens in een blok beton.”

“De start was de intake. Ik vond dit vrij heftig omdat men aangaf mij niet van de pijn af te kunnen helpen, maar dat ze me zouden helpen met het ermee leren leven. Als dit inderdaad het geval was zag ik me nooit meer mijn werk doen, maar ik zette door.”

“Na de intake en de start van de behandeling ging het zeer snel. Toen ik besefte dat het chronische pijnsyndroom bovenop mijn klachten door het syndroom van Tietze was gekomen, moest ik uitpluizen welke klachten er bij Tietze horen en welke het gevolg zijn van het chronisch pijnsyndroom.”

“Het mentale deel ging heel snel, waardoor afspraken met de psycholoog al snel niet meer nodig waren. Wel bleef de psycholoog op de achtergrond betrokken bij de fysiotherapeut en ergotherapeut. Bij snel herstel is het risico op een terugval namelijk aanwezig. “

Multidisciplinaire behandeling

“Ik heb ervaren dat het behandelen door een multidisciplinair team de enige juiste manier is. Je kan niet alleen naar het fysieke deel kijken. Het mentale aspect is zó belangrijk. De combinatie van kennis, inzicht, behandelen en ervaren is de enige juiste aanpak. En ervaren moet je doen onder begeleiding, zodat je bewust wordt gemaakt van wat er zich allemaal afspeelt in je lichaam. Ik heb echt ervaren dat het multidisciplinaire team bij Rijndam geen verkooppraatje is, maar dé manier van werken om resultaat te boeken. Dit was echt een verademing na alle specialisten die alleen naar hun eigen vakgebied kijken en je dan weer wegsturen.”

“Niet alleen voor mij, maar ook voor mijn gezin en omgeving is het een zware tijd geweest. Gelukkig heb ik veel steun gehad. Ook van mijn werkgever die altijd achter me is blijven staan. Ik weet dat dit best weleens anders is. Ik ben lid geworden van de vereniging voor Tietze en Costochondritis patiënten. Hier ontmoet ik mensen die waarschijnlijk veel baat kunnen hebben bij het chronische pijnprogramma van Rijndam, maar hier niet altijd mee bekend zijn.”

"Belangrijk is dat ik mijn grenzen bewaak"

Op de vraag wat het verschil is tussen Henk vóór zijn klachten en nu, zegt hij: “De klachten van het chronisch pijnsyndroom ben ik kwijt. De klachten van Tietze zijn er nog, maar daar is mee te leven. “Ik kan fysiek alleen veel minder dan voor Tietze. Wat belangrijk is, is dat ik mijn grenzen bewaak. Ik kon dat nooit en deed alles te intensief. Werk, sport, vrije tijd, alles. Nu weet ik dat ik aan de rem moet trekken als ik klachten heb door inspanning. Terwijl het belangrijk is om juist in beweging te komen als ik pijn heb zonder oorzaak. Dit voelt tegennatuurlijk, maar dat komt omdat pijn geen waarschuwende functie heeft, en daarna voel ik me beter.

Ik heb nu een andere functie op mijn werk. Voorheen reisde ik als verkoper voor IHC de hele wereld over en werkte ik continue. Ik deed in alle tijdzones tegelijk zaken, waardoor er geen standaard werktijden waren. Nu ligt de focus van mijn werk op lange termijn strategieën en productontwikkeling wat meer regelmaat met zich meebrengt. Dit is overigens nog steeds 40 uur per week. Daarnaast probeer ik één keer in de week te golfen. Dit is beweging en ontspanning in één, een fijne vrijetijdsbesteding.”

Op de vraag of Henk nog aanvullingen heeft op zijn verhaal zegt hij: ‘Mijn waardering voor het team kan niet genoeg weergegeven worden. De aanpak van Rijndam is een verademing. Als ik iets kan doen voor deze organisatie dan doe ik dit graag. Daarom dit interview en het aanbod om bij groepstherapieën mijn verhaal te vertellen. Want ervaringen van andere patiënten zijn zo belangrijk.

Henk heeft aangegeven open te staan voor contact. Mocht u hem een vraag willen stellen, gebruik dan dit contactformulier

Syndroom van Tietze en/of Costochondritis: is een pijnlijke aandoening aan de overgang tussen ribben en borstbeen respectievelijk de wervels.

Wilt u ook uw verhaal delen? Neem dan contact op via communicatie@rijndam.nl.

Terug naar overzicht