In augustus 2014 raakt Marco bekneld tussen zijn truck en een afzetcontainer. De container schuift op onverklaarbare wijze van de truck af, bovenop de benen van Marco. Marco legt zelf de toegeschoten hulpdiensten uit hoe zij de wagen moeten bedienen om hem te bevrijden. Wanneer Marco bevrijd is, wordt hij onder escorte met spoed naar het Erasmus MC gebracht.

Marco vertelt: “Toen het gebeurde voelde ik eigenlijk geen pijn. Ik was helder van geest. In de ambulance ben ik in slaap gevallen en werd pas wakker in het ziekenhuis. Ik besefte toen helemaal niet hoe ernstig het was. Sterker nog. Ik vroeg aan de dokter of ze al klaar waren met de pleisters, want ik moest met mijn zoon naar zijn voetbaltraining. Pas toen ik de verslagen gezichten van mijn vrouw en kinderen zag, besefte ik dat het veel ernstiger was. Ik ben van beide benen een stuk verloren. Achteraf besefte ik wel dat ik mijn benen in een rare hoek had zien liggen en dat de ruimte tussen de container en de truck maar 7 mm was, maar het gevolg was toen niet doorgedrongen.”

Extra amputatie

“Al snel kwam de revalidatiearts van Rijndam in het Erasmus MC mij bezoeken. Hij adviseerde mij nog eens zeventien centimeter van mijn benen te halen om ervoor te zorgen dat ik goed gebruik kon maken van protheses. Om te kunnen lopen met protheses is het belangrijk dat er voldoende stevigheid en balans is. Het idee om nog een stuk van mijn gezonde benen te halen vond ik afschuwelijk, maar ik heb het wél gedaan. Op donderdag was het ongeluk gebeurd en op maandag lag ik alweer onder het mes. De revalidatiearts heeft me hier echt enorm bij geholpen. Hij kwam regelmatig langs en was echt betrokken.”

“Na elf dagen mocht ik van het ziekenhuis naar de kliniek van Rijndam. Dit is erg snel, omdat je normaal gesproken tussen de 26 en 32 dagen in het ziekenhuis schijnt te verblijven. Ik kende Rijndam van een oud-collega en wist dat het een organisatie was waar je je in moest zetten en dus geen ‘hotel’ gelukkig. Toch is het is heel anders om Rijndam als patiënt te ervaren dan als bezoeker. Ik weet nog bij binnenkomst, dat ik de lange rij met rolstoelen zag bij de kamers. Ik dacht, waar ben ik terecht gekomen.”

Onzekere periode

“Het is zo’n onzekere periode. Je weet niet wat er van je terechtkomt, hoe je toekomst eruit gaat zien. Bovendien ben je gescheiden van je familie. Natuurlijk komen ze op bezoek, maar je leeft toch in twee werelden. Na zo’n zes weken ging ik het echt merken. Je voelt je op visite in je eigen huis. Tijdens de weekendverloven kun je niet de aandacht geven die je normaal automatisch hebt. Ik ben van nature een opgewekt persoon. Schouders eronder en doen. Maar in deze situatie lukte mij dat niet altijd. Ik was mijn houvast kwijt, mijn trots en mijn rol in het gezin. Ik werd depressief en de afstand tot mijn familie maakte ons kapot. Ik wist mijn familie wel te vinden om zaken voor mij te regelen, maar mijn hart zat op slot. Mijn vrouw deed alles, ik deed niets behalve mijn therapieën. De therapeuten bij Rijndam zagen dat het niet goed met me ging en gingen hierover met mij in gesprek. Dit was confronterend, maar noodzakelijk.”

“Op feestjes wordt er vaak aan mij gevraagd hoe het is en geven mensen aan hoe erg ze het voor mij vinden. Aan mijn vrouw en kinderen wordt vaak veel minder gedacht. Dit is gek, want het is ons als gezin overkomen en we hebben er allemaal onder geleden.”

“Ik weet nog dat ik vier november mijn protheses zou krijgen. Ik had hier erg naartoe geleefd. Ik was 27 kilo afgevallen door het ongeluk, maar ook bewust, omdat dat beter was voor de druk op de protheses. Toen ik ze aandeed viel het zo tegen. Het deed pijn en het was zo onwennig. Medepatiënten hadden gezegd dat je er zo op weg kon lopen, maar het lukte niet. De dag daarna gooide ik de handdoek in de ring. Ik wilde niet meer oefenen met de prothese. Ik bleef wel in de rolstoel. Ik was geen 43 geworden om achter een rollator te lopen!”

“De volgende ochtend stond Dorien nog voor het ontbijt aan mijn bed. Dorien was mijn vaste fysiotherapeut en steun en toeverlaat. Zij zei: ‘We gaan nu lopen!’. Ik zei dat ik niet van plan was om achter een rollator te lopen. Dorien zei dat het niet hoefde en gaf me een paar krukken. Zij gaf me op dat moment zoveel steun en het gevoel dat ik het kon, dat het lukte. Ik ben haar daar nog dankbaar voor. Want met het lopen kwam ook de oude, positief ingestelde Marco terug.”

Weer naar huis

“Op 9 december mocht ik naar huis. Voor mij een feestje, maar voor mijn vrouw wel even slikken. De voorzieningen waren op de traplift na nog niet geregeld en ik zou hele dagen thuis zijn, terwijl ik normaal zes dagen per week onderweg was. Natuurlijk ging ik wel twee dagen in de week poliklinisch revalideren, maar het is een hele andere situatie dan voor het ongeluk. Ik probeer me thuis nu zoveel mogelijk nuttig te maken, totdat er duidelijkheid is over mijn werk. Ik heb begrepen dat het CBR geen aanpassingen meer wil op een truck, dus het is afwachten of ik zonder aanpassingen mag rijden.”

“Over het team van Rijndam heb ik alleen maar lof. Zij hebben zoveel voor mij gedaan. Ook met Rijndam Orthopedietechniek ben ik erg blij. Ze gaan niet voor de goedkoopste standaard, maar denken actief mee om een oplossing te vinden die bij mij past. Als er gisteren een probleem was, dan is het vandaag opgelost. Ook ben ik bijvoorbeeld met zwemprothese bezig, zodat ik van de zomer op vakantie met mijn kinderen kan zwemmen.”

“Toen ik zelf in de situatie zat, ben ik op zoek gegaan naar ervaringsverhalen, maar kon deze nergens vinden. Omdat ik besef hoe belangrijk het is, heb ik me zelf aangemeld voor ‘Het gezicht van Rijndam'.”