Dat eten en drinken belangrijk is voor de groei, de algehele ontwikkeling en welzijn van kinderen, is algemeen bekend. Hetzelfde geldt voor het monitoren van de groei (lengte en gewicht). Voor kinderen met een ernstige motorische beperking is dit nog eens extra belangrijk: zij hebben namelijk een verhoogd risico op ondervoeding. Maar hoe meet je de lengte van een kind dat niet kan staan? En welke groeicurve kun je voor kinderen met een motorische beperking aanhouden? Het zijn vragen waar tot kort geleden nog geen duidelijk antwoord op was. Daarom is de werkgroep ‘meten en wegen’ van Rijndam op onderzoek uitgegaan.

Nieuwe werkwijze
De werkgroep, bestaande uit een arts, diëtist, drie logopedisten, drie fysiotherapeuten en een ouder van een kind met een meervoudige beperking, heeft een werkwijze ontwikkeld om de kinderen regelmatig te meten en wegen. Bij kinderen die niet kunnen staan, wordt bij het meten gebruikgemaakt van de zogenaamde ‘kniehoogtemeting’. Hiervoor hebben we een beroep gedaan op de kennis en ervaring die de Sint Maartenskliniek al heeft wat deze manier van meten betreft. Het is echter niet gebleven bij alleen de nieuwe werkwijze. Dankzij een gift van Nutricia kon de benodigde meet- en weegapparatuur aangeschaft worden en ook zijn artsen en fysiotherapeuten geschoold in het meten van de lengte van de kinderen die niet kunnen staan. De vakgroep logopedie ontwikkelde daarnaast een protocol om te screenen op eet-, drink- en slikproblemen.

Kniehoogtemeting
De kniehoogtemeting wordt uitgevoerd door de kinderen zittend te meten. Met een aangepaste meetlat wordt van één been een meting van knie tot hiel gedaan. Deze meting wordt twee keer uitgevoerd en met het gemiddelde van de twee metingen wordt middels een formule een schatting gemaakt van de totale lengte van het kind. Momenteel is dit de meeste betrouwbare meetmethode voor kinderen die niet kunnen staan. Door met deze meetmethode te blijven werken, kan de groei van een kind goed in kaart gebracht worden.

Succesvolle pilot
Op de therapeutische dreumes- en peutergroepen (op locatie Ringdijk, locatie Roerdomplaan en locatie De Sitterstraat) en op de basisafdelingen van de speciaal onderwijs scholen Kiem en De Brug, is met de nieuwe werkwijze geëxperimenteerd in een pilot. Op alle locaties waar de pilot is uitgevoerd, waren kinderen met een afwijkende groei in lengte of gewicht, die eerder nog niet onderkend was. Controle, begeleiding door de diëtist of verwijzing naar de kinderarts kon vervolgens ingezet worden. Een succes dus!

Voortzetting
Het monitoren van de groei van alle kinderen die begeleid worden in Rijndam en de therapeutische peutergroep bezoeken of naar Kiem of De Brug gaan, wordt daarom voortgezet. Daarnaast heeft de werkgroep ‘meten en wegen’ de nieuwe werkwijze en begeleiding van kinderen met eetproblemen besproken op een recent regionaal overleg van kinderartsen.