Mies ontdekt op haar borst een blauwe plek. In eerste instantie denkt ze dat dit komt doordat haar kleinkind haar geknepen heeft. Uiteindelijk blijkt dat het een ontstekingskanker is met een overlevingskans van 30 procent na vijf jaar. Negen chemotherapieën, een borstamputatie, een okselkliertoilet en 25 bestralingen later begint ze aan haar revalidatie bij Rijndam Revalidatie.

“Ik ben voor niks en niemand bang, maar mijn hele leven had ik de angst om kanker te krijgen,” vertelt Mies. “Ik liet me daarom regelmatig even nakijken bij de dokter. Juist toen ik het niet verwachtte, sloeg het toe. Het bleek, na een second opinion, inflammatoire borstcarcinoom te zijn met uitzaaiingen naar de lymfeklieren.”

Chemotherapie en bestraling

“Ik ben gek op hardlopen. Dat heeft eraan bijgedragen dat ik fit genoeg was om het traject ‘TRAIN 2’ te starten. Na negen weken chemotherapie kreeg ik een MRI-scan. De kanker bleek bijna weg te zijn. Heel bizar. Dit betekende overigens niet dat ik klaar was. Er volgden nog 18 weken van chemo, twee bloedtransfusies en ik kreeg EPO en Aranesp om witte en rode bloedlichaampjes aan te maken. Toen was alles weg. Maar door de zeer agressieve aard van de kanker moest mijn borst er alsnog af. Ook kreeg ik nog 25 bestralingen. Gelukkig ben ik er nog. Het is bijna te mooi om waar te zijn. Ik wil nog lang niet dood. Ik laat me niet door kanker kisten.”

Verwachtingen

“Ik merkte dat de behandeling zijn weerslag had op mijn lichaam. Ik had lage bloedwaarden en hardlopen was er niet meer bij. Ik zag in het ziekenhuis een poster over oncologische revalidatie bij Rijndam Ik gaf aan dat ik dit ook wilde doen. Ik wilde weten wat ik nog kon, wat ik nog mocht doen en vooral wat niet. Ik wilde er alles aan doen om er zo goed mogelijk uit te komen. Eénmaal bij Rijndam was mijn eerste indruk erg goed. Heel professioneel. Ik had geen verwachtingen maar aan het begin van mijn revalidatieproces zei men dat ik nooit meer terugging naar de volle honderd procent. Dat vond ik geen probleem. Ik zei: ‘Dan word ik maar 98 procent. Of desnoods tachtig.’”

Revalidatieproces

“Aan het begin van mijn traject bij Rijndam zat ik met veel vragen. Wat mag ik nu allemaal? Wat mag ik niet? En wat kan ik überhaupt nog? Maar ik leerde alles stapje voor stapje te doen. Om de tijd de nemen. Als ik ergens niets aan kon doen, moest ik het loslaten. Geen gepieker meer. Ook volgde ik fysiotherapie en merkte dat ik daar mijn kracht weer terugvond. Terugkijkend was die fysieke training heel belangrijk voor mij. Daardoor ben ik er krachtiger uitgekomen.”

Belastbaarheid

“Ook weet ik nu dat ik mijn rust moet nemen in plaats van altijd maar doorgaan. Er is een grens. En als je over die grens heen gaat, zak je dieper weg dan voorheen. Dan is het zo moeilijk terugkomen. Ik voel dat nu wel goed aan, denk ik. Al zal mijn man dit tegenspreken,” zegt Mies met een knipoog. “Ik heb wel eens een moment dat ik echt nergens zin in heb. Dat ik zo ontzettend moe ben. Dan denk ik: ‘Vandaag doe ik niks.’ En dat ik dat ook mag, ben ik gaan inzien door Rijndam.”

Vertrouwen in een goede afloop

“De rust die ze me geven bij Rijndam vind ik kenmerkend voor de werkwijze van de organisatie. En dan het vertrouwen dat ik krijg van het personeel. Ze blijven me vertellen: ‘Als je dit blijft doen, dan komt het wel goed.’ Heel typerend voor Rijndam. Alles wat me verteld is bij Rijndam is tot nu toe uitgekomen. Dat geeft je het gevoel dat je op de goede weg zit. Je krijgt er nog meer vertrouwen van. En hoewel de schommelingen in mijn energielevel dankzij de revalidatie zijn verdwenen, blijf je de vermoeidheid altijd nog voelen. Maar met de hulp van Rijndam weet ik hoe ik daar mee om moet gaan.”

“Tegen alle mensen die twijfelen over een revalidatie na kanker wil ik zeggen: doe het! Het kan je heel veel brengen. Ik ben ontzettend blij en dankbaar dat ik er nog ben. Dat ik voor mijn kleinkinderen kan zorgen. Dat ik nog reizen kan maken naar Nieuw-Zeeland en Australië. Want als ik een schatting moet doen, gok ik dat ik nu weer terug ben op 98 procent.”