Zijn vader kon ontzettend goed tekenen. Wanneer Johan diezelfde tekenvaardigheid ontdekt, besluit hij om naar de grafische school te gaan. Via wat omwegen kwam hij uiteindelijk als leraar voor de klas terecht. Een klas op, natuurlijk, een grafische school. Dat werkt deed Johan met plezier. Voor 25 jaar. Totdat een herseninfarct zijn geliefde beroep van hem afnam.

“Het was woensdag, mijn vaste vrije dag. Toch voelde ik me heel moe. Een andere vermoeidheid dan normaal. ‘Het zal wel een verkoudheid wezen, of een griepje wat er aan komt,’ vertelde ik mezelf. Die avond ben ik op tijd naar bed gegaan.”

Slapende benen

“’s Avonds werd ik wakker. Het voelde alsof allebei mijn benen sliepen. Ik had tot twee keer toe van dichtbij meegemaakt wat een infarct met iemand doet. Zowel bij mijn vader, als bij mijn broer. Ik deed bij mezelf dezelfde testjes zoals ik die bij mijn vader en broer ook zag. Mijn benen voelden vreemd aan en ik merkte vooral dat het traplopen erg merkwaardig ging. Toch ben ik terug naar bed gegaan en heb een prima nacht gehad. Totdat ik de volgende ochtend wakker werd en meteen merkte dat ik nog maar beperkte functie in mijn armen en benen had.”

Even naar school bellen

“Mijn vrouw was beneden toen ik ook beneden kwam. ‘Dit is niet goed, Johan,’ zei ze. Ik vertelde haar dat ik school wel even ging bellen.” Johan moet lachen wanneer hij terugdenkt aan dat moment. “Vreemd ook hè. Eigenlijk had ik medische hulp nodig maar je besluit toch school ‘even’ te bellen. De collega die ik aan de lijn kreeg zei me gelukkig wel dat ik meteen contact moest zoeken met de huisarts. Dat deed ik en ik moest meteen langskomen. Ik vroeg mijn dochter om mij te brengen, want rond die tijd had ik wel in de gaten dat het echt mis was. De huisarts stuurde me door naar de spoedeisende hulp. Daar ging het snel. Testen. Bloedafname. Infuus. MRI-scan. Conclusie: een herseninfarct.”

Herseninfarct en TIA’s

“De tests wezen ook uit dat ik voorafgaand aan het herseninfarct meerdere TIA’s heb gehad. Dat verklaarde al die vermoeidheid. Toch was ik na twee dagen al uit het ziekenhuis. Ik wilde niet in die omgeving blijven. De bedrijfsarts was het daar niet mee eens en was bang dat ik het wel eens te licht op kon nemen. Die stelde voor of revalideren niet iets voor mij was. Ik stond daar meteen wel voor open. Iets in me zei dat ik op die manier stappen ging maken. Werken met mensen die kennis hebben van zaken, die ervaring hebben op dit gebied. Mensen die eerder met patiënten zoals ik hebben gewerkt.”

De waslijn

“Er volgde een intake gesprek met een revalidatiearts. De arts keek naar mijn geheugen en denkvermogen. Hij observeerde hoe ik liep, hoe ik mijn evenwicht bewaarde en of ik nog balans had. Dat ervoer ik als mijn eerste prettige ervaring bij Rijndam. Ik werd opgeroepen door de fysio, om te laten zien hoeveel kracht en conditie ik nog had. Dat vond ik ook zeer goed gedaan. Vooral de test met het waslijntje boven je hoofd waaraan ik dan knijpers moest hangen, is me bijgebleven. Dat ging maar door. Net zo lang tot ik niet meer kon. Zo bepaalde Rijndam mijn belastbaar vermogen. Nu hadden we een startmoment voor mijn revalidatieproces.”

Rouwproces

“Het rouwproces dat ik doorliep bij Rijndam gold voor mij als een écht omslagpunt. En dan vooral de ondersteuning die ik kreeg. Altijd wel iets positiefs weten te benoemen. Dat gaf de burger moed. Tegelijkertijd stelde men mij gerust: ‘Johan, je hebt nog twee jaar om terug te keren als docent.’ Toen had ik wel iets van: ‘Hé, als Rijndam het zegt, die mensen met ervaring, dan geloof ik dat.’ Zo ben ik zelf gaan ondervinden waar mijn beperkingen lagen. Maar altijd begon Rijndam met iets positiefs. De mensen hoop geven, dat doen ze goed bij Rijndam.”

Terug voor de klas

“Langzaamaan begon ik weer met les geven. Dat ging, naar mijn mening, prima. Mijn collega’s dachten daar anders over. Ze wezen me op bepaalde dingen die ik zelf niet eens had gemerkt. De orde in mijn klas bijvoorbeeld. Vroeger beheerste ik die met mijn mimiek. Een knip in mijn vingers was voldoende om mensen te corrigeren. Nu merkte ik dat ik dat niet meer had. Best confronterend. Toen ik dit aankaartte bij Rijndam, vonden ze het heel bijzonder dat ik dit zelf had opgemerkt. Ik heb daarna zelf het besluit genomen dat ik eigenlijk wel wilde stoppen. Desondanks wilde de school mij niet kwijt.”

“Mijn revalidatie bij Rijndam is nu afgerond, en de prognose is dat ik voor 50% ben afgekeurd. Het liefste ga je natuurlijk door, voor mijn infarct had ik het immers prima naar mijn zin. Tijdens mijn revalidatie kwam ik er toch achter dat het niet meer ging lukken. Dat is vervelend. Het lesgeven gaat dan niet meer zoals je ooit meemaakte. Dat is een behoorlijk blok aan je been, maar Rijndam leerde me om dat los te laten. Gelukkig kom ik nu in de periode terecht waarin ik wat meer opleef!”

Publicatiejaar: 2016