In juli 2016 wordt bij Jo een beginstadium van blaaskanker geconstateerd. Al snel volgt de behandeling in de vorm van blaasspoelingen. Een zware behandeling, zowel fysiek als mentaal. Om het driejarige behandeltraject te kunnen voltooien wordt Jo oncologische revalidatie aangeraden.

“In het begin was ik sceptisch. ‘Ik kan alles zelf wel’ en ‘dit hoeft echt niet hoor’, was mijn reactie toen de oncologisch verpleegkundige over oncologische revalidatie begon. Een paar dagen later had ik een afspraak bij de uroloog en begon zij er ook direct over. Zij gaf aan dat om überhaupt een kans te maken om het driejarige behandeltraject te voltooien, je in zo goed mogelijke conditie moet zijn. En ‘waarom zou je het eigenlijk ook niet doen?’. Dus besloot ik alle zeilen bij te zetten en dat betekende aan de slag met revalideren. Met de doorverwijzing maakte ik een afspraak met de revalidatiearts bij Rijndam en al snel was ik volop bezig.”

Het revalidatieproject bestaat uit drie onderdelen van elk 12 weken: fysiotherapie, ergotherapie en psycho-educatie. Jo: “De eerste twee trajecten heb ik al afgerond en zijn me buitengewoon goed bevallen. Wat ook erg fijn is, is dat zowel mijn klinische behandeling als het revalidatietraject in het Beatrixziekenhuis plaatsvinden. Hierdoor zijn de lijnen kort en ben ik op bekend terrein.”

Fysiek traject
“Twee keer per week sportte ik een uur in een groep met andere oncologische patiënten. Tijdens deze training gingen we op de loopband, fietsen of deden we kracht- en balanstraining. Één keer per week hadden we het laatste half uur ‘sport en spel’. Iedere keer deden we een andere sport; van badminton, tot hockey en voetbal. Tijdens het sporten was ik lekker bezig en vergat ik waarvoor ik kwam. Uiteindelijk kwam er ook behoorlijk wat fanatisme bij kijken. Dat werkte niet alleen motiverend, maar het hielp me ook mijn grenzen te leren kennen en bewaken. Op maandag deden we achteraf ontspanningsoefeningen. Heerlijk, ik viel soms bijna in slaap.”

“In het begin verbaasde ik me wel over wat iedereen al kon. Maar naarmate de weken verstreken, ging ik ook snel vooruit. In het begin had ik weinig zin om te gaan en was ik ook erg moe, maar al snel veranderde dat. Ik was gemotiveerd, dacht ‘Yes, we kunnen weer!’. Dat komt omdat je ook ondertussen een band met elkaar opbouwt. Tijdens het sporten komen gesprekken op gang en kun je wat voor elkaar betekenen, ook al is het slechts het bieden van een luisterend oor. Eigenlijk heel onverwachts, maar het contact onderling is echt heel fijn en waardevol. Als suggestie van de ergotherapeut hebben we ook een WhatsApp groep opgericht. Hierin houden we elkaar op de hoogte en kun je iemand een hart onder de riem steken, zelfs nu we klaar zijn met het traject. Want hoewel iedereen in verschillende fases zit, kun je wel wat voor elkaar betekenen naast de professionele hulp.”

Vooruitgang
“Het sporten heeft me enorm geholpen. Aan het begin van het traject heb ik samen met de fysiotherapeut bepaald wat ik kan en wil en wat fysiek haalbaar is. Na het sporten schreef ik op hoe zwaar ik het vond en aan de hand hiervan bepaalden we wat ik de volgende keer kon doen. Als alles goed ging zonder ‘na-klachten’, ging je iedere keer een stapje zwaarder. Hierdoor was de vooruitgang goed zichtbaar, wat ook weer zeer motiverend werkte. Als ik kijk naar hoe ik begon en hoe ik uiteindelijk het traject afsloot, is er echt een enorme vooruitgang zichtbaar. Ook mensen om me heen zagen het. Van dorpsgenoten kreeg ik te horen ‘Goh wat zie je er goed uit!’.”

Energie
“Daarnaast volgde ik met een kleiner groepje ergotherapie. Hierin leerde ik hoe ik het beste om kan gaan met de energie die ik nog heb. Hier werd ik wel echt met de neus op de feiten gedrukt; ‘100% de oude word je niet meer’. Dit zet je echt aan het denken, wat kan ik dan nog wel en waar wil ik staan na dit traject.”

“Ik hoefde gelukkig geen arbeidsproces in, maar ik had wel vrijwilligerstaken. Sommige taken in mijn kerk heb ik neer moeten leggen, maar werkzaamheden die ik in mijn eigen tempo kan doen, blijf ik vervullen. Ook als oppas-oma heb ik helaas een stap terug moeten doen. Dit soort keuzes zijn moeilijk, maar gelukkig leer je daar over bij ergotherapie.”

“Ik ben nu nog bezig met het laatste psycho-educatie onderdeel. Dit valt me wel iets zwaarder, ik heb natuurlijk ook mijn eigen bagage. Maar ik heb er vertrouwen in dat ook dit traject me gaat helpen. Ik ben hier om te leren en wil elke gelegenheid hiervoor benutten.”

Verrijking
“Mijn vorm van kanker is vrij agressief. Het kan zomaar terugkeren. Wat betreft mijn behandeling heb ik geen keus, ik moet zware blaasspoelingen doorstaan. Wel had ik de keuze om te revalideren. En ook al is het onder zachte drang aangereikt, ik ben zo blij dat ik dit heb gedaan. Ik had het niet willen missen, het heeft me een stuk verrijking gebracht. Het contact met lotgenoten en de gesprekken en ervaringen maken het heel bijzonder. Ik wens iedere oncologische patiënt de gelegenheid toe om te revalideren. Doen, het brengt je alleen maar goeds!”